Blogs

Hebben we wel meer beton nodig tegen terrorisme?

Door heel Nederland nemen steden, organisaties en evenementen  beveiligingsmaatregelen tegen een mogelijke terroristische aanslag. Zijn betonblokken dé oplossing in de wereld van vandaag en die van morgen, waarin dreigingen en risico’s voortdurend veranderen?

Het huidige veiligheidsklimaat vraagt om een slimmere aanpak dan ‘dom’ beton. Namelijk goed doordachte maatregelen, die uitvoerig zijn getest op het vermogen om weerstand te bieden tijdens een aanval. Binnen het vakgebied beveiliging heet dat ‘red teaming’. Een markant voorbeeld daarvan komt al uit 1932. Op 7 februari van dat jaar verraste de Amerikaanse admiraal Yarnell iedereen toen er bij het aanbreken van de dag 152 gevechtsvliegtuigen opdoemden bij de marinebasis die hij als doelwit had. Zakken witte meel vielen neer als oefenbommen en troffen de schepen. Geen enkel vliegtuig kon opstijgen gedurende de aanval.
Een succesvolle uitdaging van de genomen maatregelen. Maar het ministerie van Defensie vond dat de admiraal valsspeelde, omdat aanvallen op zondagochtend in die tijd ‘ongepast’ waren en ‘Japanners niet in staat waren tot precisiebombardementen’. Bijna tien jaar later – op 7 december 1941 – werd Yarnell’s gelijk op tragische wijze bevestigd door de echte Japanse aanval op hetzelfde doelwit als hij destijds koos: Pearl Harbor.

Red teaming kun je zien als een uiterst nuttige exercitie. Wanneer je dit doorvertaalt naar Nederland anno 2017, met de actuele terroristische dreiging, kun je het volgende experiment uitvoeren. Je moet een terroristische aanslag simuleren en het doelwit is een publiek toegankelijke ruimte. Ben je er klaar voor?

Je bereidt je voor op internet en vindt daar een artikel over de beveiliging van de locatie. Dat is gek: zouden ze dat zomaar online hebben gezet? Of is het een bewust dwaalspoor en zijn er heel andere of extra maatregelen genomen?
Je besluit de locatie te gaan verkennen. Je ziet geen betonblokken, maar wel
voertuigscanners en minder opvallende voertuig-werende objecten en controles. En je merkt dat er duidelijk staat aangegeven waar je niet mag komen. Zo kun je nooit doen of je verdwaald bent. In het artikel op internet las je dat iemand op afstand meekijkt en deuren opent of sluit. Je leest ook dat de beveiliging gebruikt maakt van zonering en de schillen bewaakt. De zone rondom het doelwit is aangemerkt als observatiegebied. Daar lopen onopvallende (predictive) profilers. Bezoekers met afwijkend gedrag worden aangesproken via ‘security questioning’. Hoe onopvallend is je verkenningsactie eigenlijk? 

Weer thuis lees je het artikel nogmaals. Je leest over risicoanalyses, screening van eigen en ingehuurde medewerkers, cybersecurity en permanent toezicht. Dan valt je oog op de manier waarop iedereen die de locatie betreedt van afstand wordt gescand. Millimetergolven gecombineerd met andere sensoren voeden algoritmen die zorgen voor automatische detectie van wapens en explosieven. Bij detectie van gevaar of een incident volgen automatisch alarmmeldingen en barrières die je vertragen. Hoeveel tijd zou het je kosten om toch binnen te komen? Je conclusie is al snel: dit valt niet mee. Je kunt beter een ander doelwit zoeken. 

Precies die reactie kun je bereiken met de hierboven beschreven slimme maatregelen. Daar heb je dus geen beton bij nodig.

Mari van Dorst (directeur Kennis & Innovatie bij de Safety Group), in samenwerking met Maarten IJzermans (directeur Risicomanagement bij Hoffmann) namens Trigion